ADHD, emotieregulatie en school
Justin is 10 als hij voor het eerst bij mij komt. Tijdens de intake vertellen ouders dat Justin aangemeld is voor diagnostiek en behandeling. Ouders vermoeden dat hij ADHD heeft. Gedurende de intake zie ik Justin keurig stilzitten, dus ik kan me niks voorstellen bij ADHD. Justin weet mijn vragen te beantwoorden en ouders vertellen hun vertellen. De eerstvolgende sessies daarna wordt het me duidelijker. Justin springt van de hak op de tak in gesprekken en heeft moeite om z’n aandacht bij oefeningen te houden. Het liefst wilt hij iets anders doen of hij is snel klaar. Dit gedrag kan ook op hechtingsproblematiek duiden. Gelukkig ben ik geen behandelaar en hebben ouders Justin al elders aangemeld voor diagnostiek. Hoe fijn is het dat trajecten regelmatig samen oplopen.
In het contact met school blijkt dat Justin niet lekker in de groep ligt. Als er iets gebeurt in de klas, heeft Justin snel het gevoel dat de leerkracht hem de schuld geeft. ‘Zie je wel, het ligt toch aan mij,’ is een vaste overtuiging geworden van Justin. Het lijkt erop dat er een negatieve wisselwerking tussen Justing en de klas is ontstaan. Op een gegeven moment heeft Justin iemand pijn gedaan op school en trekt school aan de bel. Het kost Justin steeds meer energie om naar school te gaan. Eind van de schooldag is hij thuis vaak druk, boos en uiteindelijk verdrietig. Even uitrazen op de trampoline werkt niet meer voor hem.
In overleg met school bespreken we dat er druk af moet bij Justin. Als kindercoach ga ik met Justin kijken naar zijn overtuigingen. Daarnaast bespreken we dat het op dit moment voor Justin teveel gevraagd is om uitvoerige gesprekken aan te gaan, maar dat een directieve aanpak met maximaal twee keuzes beter werkt voor hem. Dat geeft hem meer overzicht en daarmee meer veiligheid. Ouders hebben dit gesprek als prettig ervaren, hebben het gevoel dat er nu eindelijk wat gebeurt voor Justin.
Ondertussen heeft een andere partij de diagnostiek gedaan en blijkt dat Justin inderdaad ADHD heeft. Justin wilt graag ontdekken of medicatie inderdaad helpend is voor meer rust en focus. School ziet zichtbaar verandering vanaf het moment dat Justin medicatie gebruikt en in de sessies valt het verschil ook op. Een oefening ‘vervliegt’ minder en zo nu en dan durft Justin het wel over zijn overtuiging te hebben dat het altijd aan hem ligt. We besteden ook aandacht aan wat het betekent om ADHD te hebben, ook wel psycho-educatie genoemd. Justin herkent zich in de creatieve kant, snapt nu beter waar z’n angsten en boosheid vandaan komen en krijgt meer rust over waar z’n scherp afgestelde emoties vandaan komen.
Als professional ben ik zeker geen voorstander van labels plakken zoals ADHD, autisme of hoogbegaafdheid. Ik geloof dat ieder kind er het meeste aan heeft als zijn omgeving begrijpt hoe hij of zij in elkaaar steekt en het kind ook zichzelf leert begrijpen. Soms kan een label daarbij wel helpend zijn. Het geeft begrip vanuit de omgeving (bijvoorbeeld school). Het roept soms op alsof alles oplost als het label geplakt is. Een label kan puzzelstukjes op z’n plaats laten vallen, maar het is niet bedoeld om je identiteit te laten worden. Een kind is geen ADHD, autisme of hoogbegaafd. Ieder kind is uniek en juist dat is de ingang. Je hebt allemaal je eigen unieke combinatie van eigenschapen. Daarom is het zo belangrijk om samen te finetunen wat werkt voor uw kind. Je wilt voorkomen dat een kind geen nieuwe vaardigheden aangeleerd krijgt, of de wind uit de zeilen gehouden wordt, omdat het nu eenmaal autisme heeft. Nee, nieuwe vaardigheden heeft een kind nodig om zelfvertrouwen op te bouwen en uiteindelijk zijn/haar weg te vinden in de maatschappij. Soms is daar wel meer rust bij nodig of is het nodig om een nieuwe vaardigheid in kleinere stapjes op te knippen. Daarnaast werken we aan opbouwende gedachten die bouwen aan een gezond zelfbeeld, want vaak is dat zelfbeeld wel sneller beschadigd bij prikkelgevoelige kinderen.
En ben ik dan een voorstander van medicatiegebruik? Nee, in de basis niet. Maar ik snap wel heel goed dat deze jongen wilde ontdekken hoe hij zou functioneren met medicatie. Als dit onderwerp van gesprek is, zal ik ouders ook altijd doorverwijzen naar hun kinder- en jeugdpsychiater.